Deze rots, gelegen tussen Anloy en Glaireuse, langs de Lesse, wordt ook wel « Cuisine des Nutons » of Kabouterkeuken genoemd. Dit vanwege de grote steen die daar bezaaid is met kleine cirkelvormige uithollingetjes, die als eetbordjes gediend zouden hebben voor deze legendarische Ardense kabouters.
Op een dag zou een vrouw uit Anloy zich naar het kaboutergat begeven hebben, om daar een ziekgeworden kabouter te verzorgen. Om haar te belonen voor haar toewijding, nam hij haar schort en verstopte er iets in, haar op het hart drukkend dat zij deze niet mocht openen voor ze weer terug thuis was. Maar, onderweg, vouwde ze haar schort toch open en een wolk van havervlokjes vloog weg in de wind. Denkend dat dit maar een mager loon was, dat daar wegvloog, zette ze haar weg voort. Maar, thuisgekomen, merkte ze dat er een goudstuk in haar schort was blijven haken. In de hoop dat de andere havervlokjes ook in goud veranderd waren, keerde ze terug naar de plaats waar ze ze had verloren. Spijtig genoeg vond ze niets meer en ze had nog heel lang berouw om haar nieuwsgierigheid.
(Bron : Jean-Luc Duvivier de Fortemps / Maison du Tourisme du Pays de la Haute-Lesse).

Moeilijk bereikbaar.