Classificatie

Dit natuurreservaat is gecreëerd in 1942, en was het eerste erkende natuurgebied door het "Exécutif Régional Wallon" in 1988. Met een oppervlakte van 6 ha 31 are maakt het deel uit van de organisatie « Ardenne et Gaume » en van de gemeente Rouvroy (Torgny), in Belgisch Lotharingen. Haar bijzonderheid? Er heerst een warm en droog klimaat... bijna mediterraan!
Raymond Mayné is degene die voor het eerst op de site een cicade ontdekte. De fauna en flora van dit natuurreservaat is zeer specifiek en heel verrassend vanwege het mediterrane karakter van de plaats. We kunnen er onder andere vlas met kleine bladeren vinden, wilde tijm, gewone tijm, orchideeën en diverse andere zeldzame planten observeren. Maar ook, met een beetje geluk, ontmoet u een bidsprinkhaan, cicades, gewone sprinkhanen, hagedissen, veldslangen en een rijke diversiteit aan vlinders. Kortom, een andere wereld...
Begeleide bezoeken zijn mogelijk, maar alleen op aanvraag.

Torgny maakt deel uit van de gemeente Rouvroy en bevindt zich op 12 km ten zuid-westen van Virton.Het natuurreservaat van Torgny is niet zo "natuurlijk" als het lijkt. Wij hebben hier te maken met oude verlaten kalksteengroeven waar vroeger een Jurakalksteen werd gedolven. De droge kalkgraslanden werden vroeger intensief beweid door groot en klein vee. Eén van zulke graslanden maakt deel uit van het reservaat. De lange smalle stroken zijn de resten van voormalige cultuurterrassen Door de aard van de ondergrond, een bijzondere oriëntering naar het zuiden en de vrij steile helling, geniet het landschap van Torgny aan de Chiers, van een plaatselijk microklimaat dat bijzonder gunstig is voor de ontwikkeling van een zuidelijke, submediterrane fauna en flora. De hedendaagse vegetatie is echter een rekolonisatievegetatie bepaald door de oude agrarische praktijken en andere menselijke invloeden.Op de droge kalkgraslanden ontwaar je naast de dominerende grassen zoals stijve dravik allerhande soorten uit de families der lipbloemigen, schermbloemigen en composieten.Het zijn echter de orchideeën, waaronder diverse opphrys- soorten (vliegenorchis, bijenorchis, hommelorchis…), waaraan Torgny zijn roem te danken heeft. Nergens anders in ons land vind je zoveel soorten en zoveel exemplaren bijeen wat niet weg neemt dat deze plantenfamilie tot de meest gevoelige en bedreigde families behoort.Orchideeën zijn grote verleidsters. Voor hun voortplanting hebben zij de hulp van insecten nodig en om deze aan te trekken passen zij hun morfologie letterlijk ‘in geuren en kleuren’ aan de smaak van hun bezoekers aan ! De ophrys-soorten behoren tot de meest fascinerende bloemen van de orchideeënfamilie. Ze zijn gekenmerkt door een vlezige, min of meer gewelfde en aan de rand zeer behaarde bovenlip waaraan het spoor ontbreekt. Op deze bovenlip zijn glanzende gladde figuren ‘getekend’ die het lichaam van het ‘verwachte’ insect of spin nabootsen. Spoorloze orchideeën scheiden meestal honing af op de onderlip. De vliegenorchis, hommelorchis en spinnenorchis hebben een grillig karakter. Sommige jaren laten ze zich helemaal niet zien om dan weer plots te verschijnen tot grote vreugde van de ongeruste naturalist ! Tot de insectenfauna van dit warme, droge kalklandschap behoren diverse zuidelijke soorten zoals de bidsprinkhaan, een cicade (cicadetta montana) en diverse vlinders. Zon en vochtigheid zijn twee factoren die de aanwezigheid van kruipdieren in de hand werken. De hazelworm, de gladde slang en de zandhagedis worden in Torgny geobserveerd.

Detail...